| WAT
IS DE LEDERHUID (CUTIS/DERMIS) ?
De
lederhuid (No. 9) is een 1-3 mm dikke bindweefsellaag.
Deze bestaat voornamelijk uit bindweefselcellen, bindweefselvezels
en een gel-achtige grondsubstantie.
De onderkant van de opperhuid en de bovenkant van
de lederhuid zijn niet vlak. De grens vertoont een
sterk golvend patroon met in- en uitstulpingen waardoor
beide lagen in elkaar grijpen en de opperhuid in de
lederhuid verankerd ligt. De uitstulpingen van de
lederhuid in de opperhuid zitten vol met hele kleine
bloedvaatjes (haarvaatjes) en lymfevaatjes (Nos 4
en 5) , van waaruit de bovenliggende opperhuid wordt
gevoed en afvalstoffen worden afgevoerd. Meer naar
onderen in de lederhuid bevindt zich een dicht vlechtwerk
van grotere bloedvaatjes en lymfevaatjes. Andere zenuwvezels
verzorgen de talg- en zweetklieren, de spiertjes rond
de haren en de bloedvaatjes. De bloedvaten in de huid
zijn niet alleen verantwoordelijk voor de voeding
(en zuurstofvoorziening) van de huid zelf, maar ook
voor het regelen van de lichaamstemperatuur. de huiddoorbloeding
bepaalt in belangrijke mate de hoeveelheid warmte
die aan de buitenwereld wordt afgegeven. De vezels
in de huid bepalen de rekbaarheid en de trekvastheid.
Hoe ouder de huid, des te minder rekbaar en trekvast
deze is. In de lederhuid bevinden zich ook talrijke
zenuwuiteinden (No.6) die de mens tast- pijn- en temperatuurzin
(No. 7) verschaffen.
WAT IS ONDERHUIDS BINDWEEFSEL
(SUBCUTIS) ?
Het
onderhuidse bindweefsel bestaat voornamelijk uit vet
(No. 8). Het heeft een belangrijke functie als warmte-isolerende
laag, energie-opslagplaats en stootkussen.
WAT ZIJN TALG- EN ZWEETKLIEREN
?
De
talgklieren (No.3) zijn verspreid over de gehele huid,
behalve op de handpalmen en de voetzolen. Zij liggen
altijd naast een haarfollikel en monden daarin uit.
Talg bestaat uit een mengsel van allerlei vettige
stoffen die de huid soepel houden en beschermen tegen
uitdroging. Gemiddeld zijn er zo'n kleine honderd
talgklieren op ieder vierkante centimeter. Op het
midden van de borst en de rug, in het gezicht en op
het behaarde hoofd loopt dit aantal op tot bijna duizend.
Mensen met een hoge talgproductie hebben dan ook vaak
last van vet haar.
Zweetklieren
(No.2) komen eveneens over het gehele lichaam voor.
Er zijn twee soorten zweetklieren. De zogenoemde eccriene
zweetklieren komen over het gehele lichaam voor en
spelen een belangrijke rol bij het regelen van de
lichaamstemperatuur. Bij emoties of nervositeit scheiden
vooral de klieren in het gelaat en de handpalmen veel
zweet af. De zweetklieren in de oksels en rond de
geslachtsorganen, de zogenoemde apocriene zweetklieren,
hebben een andere bouw en functie. In het dierenrijk
spelen deze een belangrijke rol bij herkenning van
de soort en het afbakenen van hun leefgebied. Bij
de mens staat die functie niet meer op de voorgrond
, maar kan de geur seksueel prikkelend zijn.
|