|
Anti-zonnebrand
middelen
Het scala van zonwerende middelen wordt alsmaar groter
en groter. Ieder jaar wordt de markt overspoeld met
nieuwe producten die een nog weer betere en hogere
bescherming bieden tegen de zon dan hun voorgangers.
De bescherming tegen de zon wordt uitgedrukt in de
zogenaamde beschermingsfactor of sun protection factor
(SPF). Simpel uitgelegd betekent een beschermingsfactor
van bijvoorbeeld 10, dat iemand bij gebruikt van het
betreffende product 10 X zo lang in de zon kan blijven
zonder te verbranden als zonder het gebruik van dit
product. De meeste fabrikanten vermelden op de verpakking
alleen de SPF tegen UV-B stralen. Dit is begrijpelijk
omdat dit de straling is die de meeste verbranding
veroorzaakt. De meeste producten hebben dan ook alleen
een SPF die werkzaam is in het UV-B spectrum. De laatste
tijd komen er echter steeds meer producten bij die
tevens een SPF bevatten tegen UV-A straling. Producten
die een hoge filter bevatten tegen zowel UV-B als
UV-A bieden de beste bescherming.
In
de kosmetica industrie worden doorgaans twee soorten
filters gebruikt:
-
Chemische filters. Deze stoffen absorberen het ultraviolette
licht. Er wordt voornamelijk gebruik gemaakt van
PABA, benzophenone, cinnamaten, kamferverbindingen
en methaanverbindingen. Steeds vaker echter worden
overgevoeligheidsreacties tegen een van deze componenten
waargenomen.
-
Fysische filters. Deze produkten vormen een laagje
op de huid waardoor het licht wordt gereflecteerd.
Deze produkten laten vaak een witte laag achter
waardoor ze cosmetisch minder acceptabel zijn. De
stoffen die gebruikt worden zijn zinkoxide en titaandioxide.
Bruin
zonder zon
Steeds vaker wordt gebruik gemaakt van bruin zonder
zon produkten of zelfbruiners. Deze produkten bieden
de mogelijkheid een bruine kleur te verkrijgen zonder
dat er zon aan te pas komt. Men kan drie soorten zelfbruiners
onderscheiden:
-
De meeste zelfbruiners maken gebruik van dihydroxy-aceton
(DHA) en lawson. Dit zijn stoffen die zich hechten
aan de bovenste laag van de opperhuid en door oxydatie
een bruine kleur veroorzaken (als het ware een soort
roest reactie van de huid). Na een paar dagen verdwijnt
de kleur door het normale afschilferingsproces van
de huid. Belangrijk is de crème egaal aan
te brengen anders ontstaan donkere vlekken of vegen.
Tegenwoordig zijn er ook zelfbruiners op de markt
die tevens een SPF bevatten zodat ze ook bij het
zonnen gebruikt kunnen worden.
-
Naast de zelfbruiners die DHA en lawson bevatten,
bestaan er produkten die tyrosine bevatten. Uit
tyrosine wordt in de pigmentcellen pigment (melanine)
gevormd. Tyrosine kan dus worden beschouwd als een
voorloper van het melanine. Door deze stof op de
huid aan te brengen ontstaat een toename van de
vorming van melanine en dus een bruine kleur. Deze
stoffen worden ook wel "pretanners" genoemd.
Ook hier geldt dat een vlekkig resultaat ontstaat
wanneer de crème niet egaal wordt aangebracht.
-
Tot slot zijn er produkten die bergamot-olie bevatten.
Deze stof houdt de UV-B tegen maar versterkt de
werking van UV-A stralen. Hierdoor is het mogelijk
al bij een geringe dosis UV-A stralen bruin te worden.
Deze stoffen vallen dan ook niet echt onder de zelfbruiners
omdat er wel zonlicht bij nodig is. Doordat de UV-A
straling niet wordt tegengehouden en het effect
juist wordt versterkt, versterken deze middelen
de verouderingseffecten van de zon op de huid. Mensen
met huidtype I en II moeten voorzichtig omspringen
met deze producten omdat zij ook tot zonnebrand
aanleiding kunnen geven.
|