Huidbehandelingen

Voor wie zijn antihistaminica bedoeld ?

Antihistaminica (enkelvoud: “ antihistaminicum” ) worden oraal (= inname via de mond) of via injectie in de spier toegepast bij de symptomatische behandeling van allergische aandoeningen die berusten op het vrijkomen van histamine waaronder: urticaria (netelroos) , (atopisch) eczeem, andere huidziekten berustend op allergie van het directe type (m.n. pruritus, insectenbeten), (sommige vormen van) geneesmiddelallergie, voedingsmiddelallergieën, angio-oedeem en anafylactische shock (alleen in combinatie met epinefrine en eventueel corticosteroïden). Ook worden deze middelen gebruikt bij de behandeling van hooikoorts en allergische rhinitis. Het uitwendig gebruik op de huid (bijv. Phenergan zalf) heeft geen zin en is niet aan te bevelen in verband met de sensibiliserende werking, d.w.z. het middel kan lokaal een contactallergie uitlokken.

Wanneer mogen antihistaminica niet gebruikt worden ?

Bij:

  • overgevoeligheid voor antihistaminica (zeer zeldzaam)
  • ernstige nier-en leverfunctiestoornis (overleg met uw arts)
  • ernstige hartaandoening (m.n. hartritmestoornis) (overleg met uw arts)
  • te laag kalium in het bloed (overleg met uw arts)
  • gelijktijdig gebruik van geneesmiddelen zoals anti-hartritme stoornis middelen , bepaalde anti-schimmel middelen en antibiotica (overleg met uw arts)
  • glaucoom, bepaalde maagziektes (pylorusstenose) prostaatziektes (overleg met uw arts)
  • kinderen jonger dan één jaar : risico op wiegendood . Ook voorzichtigheid bij kinderen met bepaalde slaapstoornissen.
  • zwangerschap en tijdens borstvoeding (lees ook bij adviezen)

Hoe werken antihistaminica ?

Antihistaminica is een benaming voor een groep geneesmiddelen , waarvan het werkzame deel een remmende werking heeft op de stof histamine en de eosinofiele witte bloedcel. Histamine en eosinofiele witte bloedcellen spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van allergische ziekteverschijnselen. Antihistaminica kunnen echter nooit voor 100% alle symptomen onderdrukken omdat histamine niet de enige allergische stof is die vrijkomt bij allergische reacties en omdat ook andere stoffen vrijwel via geheel andere mechanismen, bijvoorbeeld urticaria kunnen veroorzaken. De nieuwe generatie antihistaminica zouden behalve histamine ook andere stoffen remmen die vrijkomen tijdens een allergische reactie.
Er bestaan antihistaminica die een kalmerend of sederend effect hebben en antihistaminica die deze effecten niet of minder hebben. Bespreek met uw huidarts voor welke type anti-histaminicum u in aanmerking komt. De keuze is afhankelijk van de stadium (acuut dan wel chronisch), de aard en ernst van uw aandoening en uw werkzaamheden overdag.

Welke verschillende antihistaminica zijn er beschikbaar ?

NIET TOT WEINIG SEDEREND
desloratadine (Aerius®), levocetirizine (Xyzal®), acrivastine (Semprex ®) , cetirizine (Zyrtec ®), fexofenadine (Telfast ®), mizolastine (Mizollen ® ), rupatadine (Rupafin®)
ZWAK SEDEREND :
clemastine (Tavegil®), mebhydroline (Mebhydroline®), oxatomide (Tinset®)
SEDEREND:
cyproheptadine (Periactin®), dexchloorfeniramine (Polaramine®), dimetindeen (Fenistil®), ebastine (Kestine®), ketotifen (Zaditen®)
STERK-SEDEREND:
hydroxyzine (Atarax®) , promethazine (Phenergan®), alimemazine (Nedeltran®)

Bij kinderen kan het middel in de vorm van een drankje worden gegeven; ouderen krijgen meestal capsules of tabletten. Bij acute urticaria kunt u het antihistaminicum kortdurend gebruiken. Bij (dreigende) anafylactische shock krijgt u een injectiespuit in het bovenbeenspier met clemastine (Tavegil), en dan in combinatie met adrenaline en een corticosteroïd. Bij chronische urticaria dient u het antihistaminicum langduriger te gebruiken of intermitterend, d.w.z. met tussenpozen waarbij u het middel niet gebruikt. De dosering wordt bepaald door uw (huid)arts.

Wat zijn de verwachte resultaten van antihistaminica ?

Er bestaan zowel snelwerkende en langzaam werkende antihistaminica. Het ene middel is reeds binnen enkele minuten werkzaam de andere binnen een paar uur.
De keuze is afhankelijk van de aard en ernst van de aandoening en het individu.
Wanneer de eerst voorgeschreven antihistaminicum na een aantal weken gebruik niet of nauwelijks werkzaam blijkt te zijn kan de huidarts de volgende maatregelen nemen:
– de dosering verhogen
– combineren met een andere antihistaminicum
– een andere antihistaminicum kiezen
– combineren met een andere geneesmiddel

Wat zijn de mogelijke bijwerkingen van antihistaminica ?

BIJWERKINGEN (ALLE IN WISSELENDE MATE OPTREDEND)
1. Droge mond en keel, accommodatieverlies (ogen) en urineretentie (niet kunnen plassen). Ook kunnen ze bij pupilverwijding aanleiding geven tot oogdrukverhoging resp. een glaucoomaanval. Maagdarmklachten zoals maagpijn, diarree, toename eetlust.
2. Sedering, slaperigheid en verder duizeligheid, moeheid, trillingen en coördinatiestoornissen; De mate van sedering is sterk individueel bepaald en per stof wisselend. Bij kinderen: bewegingsstoornissen en opwinding (rusteloosheid, slapeloosheid, tremoren, euforie, nervositeit en zelfs verhoogde neiging tot epileptische insult)
Over het algemeen geven antihistaminicum echter GEEN OF NAUWELIJKS BIJWERKINGEN.

Waar moet u op letten als u antihistaminica gebruikt ?

INDIEN U TEGELIJKERTIJD ANDERE MEDICIJNEN GEBRUIKT
Het is altijd raadzaam om uw (huid)arts in te lichten over het gebruik van andere geneesmiddelen. Bepaalde geneesmiddelen hebben een wisselwerking met antihistaminica, zoals ketoconazol itraconazol en erytromycine.

MAG IK ALCOHOL GEBRUIKEN ?
Overmatige drankgebruik wordt uiteraard afgeraden. Af een toe een glaasje wijn kan geen kwaad. Grapefruitsap kan ook de werking van antihistaminica beïnvloeden.

ZWANGERSCHAP EN HET GEVEN VAN BORSTVOEDING (=LACTATIE)
Geadviseerd wordt om een antihistaminicum tijdens zwangerschap of lactatie alleen te gebruiken na overleg met uw huidarts.

Wanneer dient u uw arts te waarschuwen ?

Een overgevoeligheidsreactie op antihistaminica is zeldzaam. Indien dit toch bij u optreedt herkent u het aan een plotselinge verergering van uw huidklachten of het ontstaan van een geheel andere vorm van huiduitslag. U dient dit op de volgende werkdag aan uw arts te melden.

Feedback

Vindt u dit artikel nuttig?

  • Ja
  • Een beetje
  • Nee
Laat ons weten wat u vindt van dit arikel.
Vergeet uw bericht niet!
Staat uw vraag er niet tussen? Vraag het ons op Facebook!

U kunt vragen stellen aan de redactie via facebook Like onze facebook pagina en stel uw vraag.

Hoe veilig is laserontharing eigenlijk?

Mijn moedervlek verandert van vorm, kan dit kwaad ?