|
De zon vormt het centrum
van ons zonnestelsel en heeft een dwarsdoorsnede 109-maal zo groot als
die van de aarde. Door verschillende reacties in het binnenste van de
zon ontstaat een grote hoeveelheid energie die in alle richtingen van
het zonnestelsel wordt uitgezonden. Slechts een klein deel van deze energie
bereikt als zonnestraling onze aarde en is daarmee een geliefd onderwerp
voor gesprek, zowel voor voor- als tegenstanders van zonnestraling. De straling die in
het dagelijks leven de meest directe gevolgen heeft, is de ultraviolette
straling. Ultraviolette straling
kun je noch zien, noch voelen. Dit maakt deze stralingssoort zo verraderlijk.
Pas een dag nadat je te veel ultraviolette straling hebt gehad, zie en
voel je de gevolgen. De huid wordt dan rood en voelt branderig aan, een
verschijnsel dat we kennen als zonnebrand (lees verder). ULTRAVlOLET-B Van de UV-B-stralen wordt ongeveer zeventig procent door de hoornlaag tegengehouden. Slechts twintig procent bereikt de diepere delen van de opperhuid en maar tien procent dringt door tot in de lederhuid. De UV- B straling is voornamelijk verantwoordelijk voor het rood worden van de huid (erytheem) en het bruiningsproces. De UV-B stralen beschadigen de cellen in de opperhuid waarbij stoffen vrijkomen die de bloedvaten in de lederhuid doen verwijden. Het resultaat is een voor het oog zichtbare roodheid van de huid. Daarnaast prikkelt UV-B de pigmentcellen en zet deze aan tot de vorming van pigment (melanine). ULTRAVIOLET-A Van het UV-A dringt
twintig tot dertig procent door tot in de lederhuid, afhankelijk van de
pigmentatie en daarmee filterende werking van de opperhuid. Veel meer
dus dan bij UV-B het geval is. UV-A-straling is echter veel zwakker dan
UV-B. Om eenzelfde graad van roodheid op te wekken is duizendmaal meer
UV-A nodig dan in geval van UV-B. Nu is het zo dat één dag
zonlicht duizendmaal zo veel UV-A bevat als UV-B. Beschermt men zich alleen
tegen de UV- B-stralen, dan kan men aan het einde van de dag toch verbrand
zijn, maar dan door de UV-A stralen. Daarom is het dus zo belangrijk dat
een zonnebrandwerend middel zowel bescherming biedt tegen de UV-A- als
de UV-B-stralen. Niet ieder mens reageert in dezelfde mate op blootstelling aan ultraviolet licht. Hoe de huid reageert, hangt af van het huidtype. Men onderscheidt zes verschillende huidtypen: - Huidtype I: verbrandt
altijd, wordt niet bruin; Huidtypen I en II
lopen de hoogste risico's op zonnebrand. Ook wordt aangenomen dat deze
mensen bij een overmatige blootstelling aan zonlicht de grootste risico's
lopen op het ontwikkelen van huidkanker. Voorzichtigheid en een goede
bescherming tegen de zon zijn dan ook van belang. Mensen met huidtype
III en IV kunnen in het algemeen langer in de zon blijven en lopen minder
risico's op huidkanker. Om vroegtijdige huidveroudering tegen te gaan,
is een goede bescherming tegen de zon echter ook voor deze groepen van
belang. Iedereen heeft in zijn of haar leven wel eens een zonnebrand opgelopen. Een zonnebrand is een reactie van de huid wanneer deze te veel ultraviolette (=UV) straling van de zon krijgt. Per definitie kan dit dus bij iedereen optreden, bij zowel lichte als donkere huidtypen. Mensen met een donkere huidtype kunnen alleen langer in de zon verblijven zonder dat ze verbranden. De latijnse benaming voor zonnebrand is "dermatitis solaris". Wie te lang in de zon ligt, verbrandt. De roodheid die bij zonnebrand ontstaat, is tussen elf en twee uur 's middags vooral te wijten aan UV-B en in de namiddag aan UV-A. Zonnebrand kan ook veroorzaakt worden door kunstmatige bruiningsapparatuur of tijdens lichttherapie vanwege een huidziekte. In de meeste gevallen zijn deze apparaten echter zodanig afgesteld dat onvoldoende straling wordt uitgezonden om verbranding te veroorzaken. De verbranding door de zon wordt behalve door roodheid ook gekenmerkt door warmte, zwelling en pijn. Men kan vier graden van verbranding van de huid door zonnestraling onderscheiden: GRAAD I GRAAD II: GRAAD III: GRAAD IV: Wie voorzichtig met de zon omspringt, voorkomt verbranding en ontwikkelt een mooie bruine kleur. Toch moet men zich realiseren dat de zo begeerde bruine kleur in feite niets anders is dan een beschermingsmechanisme van het lichaam bij blootstelling aan zonlicht. Onder invloed van zonlicht gaan de pigmentcellen in de huid over tot het maken van pigmentkorrels die worden afgegeven aan de hoorncellen in de opperhuid. Dit pigment in de huid zorgt ervoor dat de grootste hoeveelheid ultraviolette straling wordt geabsorbeerd en gereflecteerd, waardoor minder schadelijke straling diep in de huid doordringt. Hoe bruiner de huid wordt, hoe beter deze beschermd raakt tegen de schadelijke straling. Daarnaast treedt bij regel matige blootstelling aan zonlicht een verdikking op van de opperhuid waardoor ook een verhoogde filtering en weerkaatsing van het licht optreedt. De pigmentatie en de verdikking van de huid samen, kunnen een bescherming tegen UV- straling veroorzaken met een factor van ongeveer twintig. In feite heeft iedereen die bruin is, zijn of haar huid zodanig aan de zon bloot gesteld dat het lichaam zich genoodzaakt zag zich tegen deze straling te beschermen. Klik hier voor tips voor verstandig zonnen..
|
|||
|
|||